Update Europees Hof: De nieuwe realiteit van de gewone arbeidsplaats

Het Hof van Justitie van de Europese Unie (HvJ-EU) heeft op 11 december 2025 een belangrijke onduidelijkheid in het internationaal arbeidsrecht opgehelderd. De uitspraak in zaak C-485/24 (Locatrans) heeft gevolgen voor elk bedrijf met grensoverschrijdende werknemers of “stealth expats” in de EU.

Een rechtskeuzeclausule in een arbeidsovereenkomst biedt niet langer een volledige bescherming tegen het arbeidsrecht van het land waar de werkzaamheden daadwerkelijk worden verricht.

De zaak: Locatrans Sàrl t. ES

Dit geschil betrof een chauffeur in dienst van een Luxemburgs transportbedrijf. In het contract uit 2005 was het Luxemburgse recht als toepasselijk recht aangewezen. De werknemer voerde echter aan dat zijn gewone arbeidsplaats in de loop der tijd naar Frankrijk was verschoven. Hij verzocht om de toepassing van Franse dwingendrechtelijke regels, omdat deze betere bescherming boden op het gebied van minimumloon en overuren dan de regels in Luxemburg.

Het HvJ-EU moest bepalen of de gewone arbeidsplaats gedurende één enkele, doorlopende overeenkomst kan wijzigen op grond van het Verdrag van Rome.

Belangrijkste feiten uit de uitspraak

Het Hof heeft verschillende principes vastgesteld die de manier veranderen waarop Global Mobility-teams naar internationale contracten moeten kijken:

  • De gewone verblijfplaats is dynamisch: De gewone arbeidsplaats staat niet vast bij de aanvang van een contract. Als een werknemer op duurzame basis in een ander land gaat werken, wordt die nieuwe locatie de gewone arbeidsplaats.
  • Dwingende bescherming krijgt prioriteit: Een werknemer mag niet de bescherming worden ontzegd die wordt geboden door de dwingende regels van het land waar hij gewoonlijk werkt. Dit geldt zelfs als in het contract expliciet voor het recht van een ander land is gekozen.
  • De ‘zwaartepunt-toets’: Nationale rechtbanken moeten kijken naar de fysieke realiteit van het werk. Dit omvat waar de werknemer instructies ontvangt, waar hij zijn werk organiseert en waar hij na opdrachten naar terugkeert.

Compliance voor Global Mobility Managers

Deze beslissing vereist een verschuiving van een statische contractbenadering naar het continu monitoren van de locaties van werknemers.

Het fysieke “zwaartepunt” van een werknemer bepaalt nu diens wettelijke rechten. Dit omvat vakantiedagen, minimumloon en ontslagbescherming. Deze rechten volgen de werknemer, ongeacht waar de sociale zekerheid wordt betaald of wat er in het ondertekende contract staat.

Om deze risico’s te beheersen, zouden bedrijven de volgende stappen moeten overwegen:

  1. Breng de activiteiten van werknemers in kaart: Beoordeel de fysieke werklocaties van internationaal personeel over de afgelopen 24 maanden om eventuele blijvende verschuivingen te identificeren.
  2. Analyseer lokale bescherming: Vergelijk de dwingende arbeidswetten van het land van het contract met die van het land waar de werknemer daadwerkelijk werkt.
  3. Breng administratie in lijn met de realiteit: Werk interne gegevens bij zodat deze de werkelijke werklocatie weerspiegelen, om te garanderen dat de loonadministratie en het HR-beleid voldoen aan de lokale dwingende minima.

De toekomst van grensoverschrijdend werk

De Locatrans-uitspraak versterkt het beginsel dat het Europese arbeidsrecht de werknemer volgt. Naarmate werkpatronen vloeiender worden, worden de wettelijke kaders die deze beheersen specifieker over de fysieke locatie. Om compliant te blijven is nu een diepgaand inzicht nodig in waar uw personeel dagelijks daadwerkelijk werkzaam is.

Wil je je team in Nederland uitbreiden?

Zorg voor volledige compliance en vereenvoudig je internationale wervingsproces met EMG.